Klimaat
Menselijk handelen en productiesectoren dragen bij aan het broeikaseffect, dus ook de vee- en vleessector. Om te zien in welke mate daaraan wordt bijgedragen, is een maatstaf van de invloed op het milieu afgesproken. Deze zogeheten ‘voetafdruk’ (Carbon Footprint) is bedoeld om de invloed van personen, organisaties of producten aan het broeikaseffect in beeld te brengen. Meten is weten en op grond van informatie kan de bijdrage van de (Nederlandse) vee- en vleessector worden benoemd en zo nodig verder worden beperkt.
VleesNL en de aangesloten leden streven naar een energie-neutrale bedrijfsvoering. Het doel is beperking van de CO2-uitstoot (Carbon Foot Print) door duurzame toepassing van grondstoffen, een maximale verwaarding en de aanwending van duurzamere vormen van energie. VleesNL werkt samen met de WUR aan een (EU) standaard voor een uniforme rekenmethodologie en een database voor alle grondstoffen en systemen/processen.

.jpg)
Monitoring
Uitputting van de natuurlijke grondstoffen is een wereldwijd vraagstuk. Nederland kan dat niet alleen op de schouders nemen, maar neemt wel een eigen verantwoordelijkheid. Zo zijn we ons al erg bewust van de situatie. En we meten nauwgezet de vorderingen in eigen land. De Nederlandse overheid bekijkt de stand van zaken aan de hand van de zogeheten duurzaamheidsmonitors. Vanaf 2025 is er het dashboard duurzaamheid van het CBS: Dashboard duurzaamheid | CBS.
Nederland efficiënt
De bijdrage van Nederland aan de Carbon Footprint is beperkt. De Nederlandse vleessector werkt bijzonder efficiënt en ons land ligt in een gunstige klimaatzone. Nederland is een vruchtbare delta, ingeklemd tussen grote rivieren waar het niet te koud of te warm is voor agrarische activiteiten. Veel landen buiten, maar vooral binnen de EU plukken daar de vruchten van. Voor een groot deel produceert de Nederlandse vleessector voor andere EU-lidstaten.
Bovendien staat Nederland bekend om zijn sterke, veelzijdige rundveerassen. 80% procent van de Nederlandse koeien leveren meerdere jaren melk en wordt pas op veel latere leeftijd geslacht dan vee dat uitsluitend bestemd is voor vlees. Ook dit houdt de carbon footprint van de Nederlandse vee- en vleessector laag.
In behoeften voorzien
Wereldwijd willen mensen vlees eten; zeker als de welvaart toeneemt, wat in een aantal grote economieën buiten de EU het geval is. De vraag voor komende jaren is dan ook hoe met de beschikbare natuurlijke bronnen de groeiende wereldbevolking verantwoord.
De vleessector innoveert volop om te voldoen aan de groeiende vraag naar duurzamere producten. Hybride vleesproducten combineren traditioneel vlees met plantaardige ingrediënten, zoals vezels of eiwitten uit groenten en peulvruchten. Dit zorgt voor een lagere milieu-impact, minder verzadigd vet en vaak een betere sappigheid.
Blended producten gaan nog een stap verder: ze bevatten vlees met alternatieve eiwitbronnen zoals kweekvlees of plantaardige componenten. Het doel is om de smaak en textuur van vlees te behouden, terwijl de ecologische voetafdruk aanzienlijk wordt verkleind.
Waarom hybride of blended
- Duurzaamheid: Minder dierlijke grondstoffen betekent lagere CO₂-uitstoot en minder druk op landgebruik.
- Gezondheid: Toevoeging van plantaardige vezels en eiwitten draagt bij aan een evenwichtiger voedingspatroon.
- nnovatie: Nieuwe technieken en recepten zorgen voor producten die qua smaak en kwaliteit niet onderdoen voor traditioneel vlees.

Uniforme rekenmethode carbon footprint Nederlandse varkenshouderij
In de Nederlandse varkenshouderij brengen bedrijven broeikasgasemissies van varkensvlees in kaart. Om verschillen tussen bedrijven in achtergronddata en aannames weg te nemen, hebben onderzoekers van Wageningen University&Research (WUR) in samenwerking met Kool Planet op verzoek van de COV en Coalitie Vitale Varkenshouderij (CoViVa) rekenregels gepubliceerd om de carbon footprint (CFP) in de Nederlandse varkenshouderij te berekenen. Het is in het belang van de sector voor rapportage naar afnemers en de overheid om één uniforme (reken)methode te gebruiken. Daarvoor wordt de levenscyclusanalyse (LCA) benadering gebruikt, waarbij emissies in de hele keten worden gerapporteerd.
Het rekenregelrapport beschrijft voor elke fase in de keten tot en met slachterij de rekenregels, de benodigde input en achtergronddata en sluit zoveel mogelijk aan bij de Product Environmental Footprint (PEF) richtlijnen van de Europese Commissie. Het rekenregelrapport is hier gepubliceerd.
Standpunten
Thema's
Downloads
Standpunten
Circulariteit
Hoewel de circulariteit van de vleesproductie in Nederland zeer hoog is, kan deze nog verder worden vergroot. Zo is er in bepaalde markten buiten de EU grote vraag naar bepaalde bijproducten van vlees die binnen de EU geen enkele waarde hebben.
Klimaatneutraliteit
Op Europees niveau is vastgelegd dat de broeikasgasemissies in 2030 met 55 procent moeten zijn gereduceerd ten opzichte van 1990 en dat de EU in 2050 klimaatneutraal dient te zijn.
Ontbossing
In de dierlijke sector is er al jaren een sterke focus om het terugdringen van ontbossing. Hier zijn speciale certificerings-systemen voor opgezet. Focus voor regelingen zoals EUDR moet liggen op stappen die het meest direct effect hebben op ontbossing.
Nieuws
Vleessector actief betrokken bij klimaatconferentie COP30
Het internationale vleessecretariaat (International Meat Secretariat, IMS) is actief betrokken bij de klimaatconferentie COP30 in Belém, Brazilië.
Duurzaam varkensvlees: Nederlandse sector toont leiderschap in CO₂-reductie 🇳🇱
Uit een verkennende studie van Blonk Consultants blijkt dat de Nederlandse varkenshouderij een lagere CO₂-voetafdruk heeft dan andere grote Europese producenten. De Coalitie Vitale Varkenshouderij (CoViVa) brengt deze uitkomsten actief naar buiten, onder meer
Benutten CO₂-reductiepotentieel regionale industrie vraagt om actie
Benutten CO₂-reductiepotentieel regionale industrie vraagt om actie, blijkt uit rapport van de Landelijke Cluster Energie Strategie (LCES) - Cluster 6.